Verlatingsangst is een diepe angst om alleen achter te blijven. Het dier durft geen moment alleen te zijn en het voelt zich dan zeer onveilig. Zodra er iemand thuis is, is er op het eerste oog niets meer aan de hand.
De manier waarop een dier dit uit, is onder andere door veel te piepen of blaffen zodra het bemerkt dat er niemand om hem of haar heen is. Dit gevoel van eenzaamheid is alles overheersend.
Komt er niemand op het piepen of blaffen af, zoekt het dier een uitweg naar buiten of naar een veiligere plek. Soms is de verlatingsangst zo overheersend dat zelfs de bench of mand niet meer veilig is. Het dier denkt dan maar aan één ding en dat is de veiligheid zoeken, ook al moet er een gat gemaakt worden naar buiten, waar ze de eventuele veiligheid misschien kunnen vinden.
Het kan ook zijn dat een dier zo gehecht is aan een of meerdere personen, dat het dier het niet kan verdragen dat zijn roedelgenoten zonder hem of haar weg gaan. Of dat het dier het als zijn of haar belangrijkste taak vindt, zijn mens te beschermen waar deze ook gaat. Voor dit dier is het onverdraaglijk dat het zijn of haar taak niet kan uitvoeren.
Bij beide vormen van verlatingsangst zijn deze dieren werkelijk in paniek. Het gevolg is vaak dat bij thuiskomst er van alles kapot gemaakt is. Het kan zelfs zo erg zijn dat zelfs deuren en deurposten aangevreten zijn. Vaak krijgt het dier dan straf en juist dat werkt averechts. Begrijpen waarom het dier bang is om alleen te zijn, is een veel betere remedie.